Blokarten op het ijs.

Het verhaal van “THE ICEMAN”
Zaterdag 03 jan 2009 Gouwzee

Iets bewolkt en wat kouder dan vrijdag, lekker aan het zeilen op het ijs.

Ik zat in de Blokart van Sandra met de Pod van Richard erop, dus lekker uit de wind. Ik had al een paar rondjes gezeild toen Richard me voorbij kwam in zijn DN.

Ik volgde zijn spoor een beetje en op het punt waar ik wilde keren was het mooi glad en donker ijs. Ik had niet veel vaart meer en toen zei het ijs krak en ik zakte er doorheen.


Mijn eerste reactie was van @$%*&$#$^. Ik zat met mijn benen tussen mijn schoot vast, maar was snel los. Ik zwom zo snel mogelijk naar de kant van het wak en probeerde met de prikkers die ik om mijn nek had het water uit te komen.

Dat was toch iets moeilijker dan ik dacht, het ijs brak nog een keer of 4 af voordat ik er op kon klimmen.
Op het moment dat ik er op lag, zakte ik er weer doorheen. Dat gebeurde nog 2 of 3 keer, daarna ben ik
nog een meter of 10 op mijn buik verder gegleden voordat ik ging/kon staan.

Eénmaal op het ijs kreeg ik een lift van Richard op zijn 2-zitter naar de kant en ben ik,
via mijn auto, met droge kleding naar de Camper van Sandra en Richard gelopen en heb me daar afgedroogd en aangekleed.

Toen ik weer terug op het ijs kwam, was de Blokart er al weer bijna uit, gelukkig.

Al met al toch een ervaring die ik niet meer hoop mee te maken en dankzij de ijsprikkers, heb ik niet meer dan 1 a 1 1/2 min in het water gelegen (de prikkers hebben mijn leven gered).

Ramon "'Iceman" Kolk

Het uitlijnen van de Blokart schaatsen

Het uitlijnen van de Blokart schaatsen is heel belangrijk, als de zijschaatsen niet evenwijdig aan elkaar staan dan krijg je teveel weerstand, en remt de Blokart af. Hoe rechter de schaatsen dus staan, des te minder weerstand de schaatsen hebben, en hoe harder de Blokart dus gaat.

Als je de Blokart hebt opgebouwd en de schaatsen zitten eronder zet je de Blokart op het ijs.  De contra moeren laat je nog los zitten Je laat iemand anders in je Blokart zitten (of als je alleen bent een voorwerp van ongeveer jouw gewicht).

Vervolgens duw  je de Blokart 2 a 3 meter recht vooruit, en zet hem vervolgens weer stil. Dan meet je met een rolmaat de voorkant van de ene schaats naar de voor kant van de andere schaats (zie afbeelding 1).

Je doet dit vervolgen ook zo met de achterkant van de schaatsen (zie afbeelding 2t).
De maat die je voor gemeten hebt moet achter precies het zelfde zijn!!!!

Als dit het geval is staan ze evenwijdig en kun je de contra moeren goed vast draaien, en gaan met die banaan!!!

Afbeelding 1 Afbeelding 2


Je kan na een aantal rondjes het nog even controleren. Is dit nog niet het geval dan draai je de zij stang in het rond en verstelt daarmee de stand van de schaats in de juiste richting zodat de maat van voor en achter wel overeenkomt vervolgen duw je de Blokart weer 2 a 3 meter recht voor uit, dan contoleer je de maat weer, staan de schaatsen evenwijdig dan draai je de contra moer goed vast en kun je gaan.

Het is ook te horen als de schaatsen niet evenwijdig staan dan gaan ze krassen.

Met een hoop wind zal het niet zo heel veel uitmaken, want dan zeilt alles. Maar wil je echt alles eruit halen, en met weinig wind goed wil kunnen zeilen, zal je de schaatsen evenwijdig aan elkaar moeten hebben.

Wat ook belangrijk is, is dat de schaatsen scherp zijn. Dit is ook goed voor de veiligheid, want als je een bocht wil maken, is het ook fijn als de Blokart dat ook doet.

Schaatsen kun je zelf met een wetsteen bijwerken, maar als ze echt bot zijn moeten ze geslepen worden (dit is bij ons ook mogelijk).

Het is ook mogelijk om zonder ijs de Blokart schaatsen uit te lijnen. Maar je zal het altijd even moeten controleren op het ijs.

Als alles dan gelukt is heel veel ijsplezier, en VEILIGHEID STAAT OP NUMMER 1!!! 

Waar moet ik aan denken met Blokarten op het ijs….

Als je als blokarters de ijzers onderbindt om over het ijs te razen, dien je je bewust te zijn van de risico’s die dat ijs met zich meebrengt.

Achtereenvolgens enkele regels en ervaringen over het ijs zelf, door het ijs zakken of in een wak raken, en onderkoeling. Afgesloten wordt met enkele gouden regels.
 
1. het ijs
Want wat een solide ijsvloer lijkt te zijn, heeft altijd zwakke plekken. Die ontstaan bij het dichtvriezen (bijvoorbeeld door wind) of later (door stroming onder het ijs of door gasvorming). Of onder sneeuw, want sneeuw werkt als een isolerende laag en het ijs eronder is altijd dunner.

Vooraf controleren of het ijs voldoende dik is, is absoluut noodzakelijk. Gaatje boren, meten (6 cm is wel het minimum) en dat herhalen op verschillende plaatsen. En dan, al zeilend, niet in één keer enorme afstanden afleggen, maar door het maken van steeds grotere cirkels, elke keer een extra stuk verkennen. Het is aan te bevelen dit nooit alleen te doen, maar altijd met 2 of meer zodat er hulp is als er iets mis gaat.
Deze controle moet elke dag weer opnieuw worden uitgevoerd want gedurende de nacht en vroege ochtend kunnen er allerlei veranderingen zijn ontstaan: door de wind, door gas, door stroming, door vogels.

2. er doorheen of in een wak
Als je in het water raakt is het erg belangrijk om te weten wat er dan gebeurt: altijd  onverwacht, je hebt je er dus niet op voorbereid!
 
Zonder beschermende, isolerende kleding aan, raak je makkelijk door de plotselinge afkoeling -en schrik -, in een shock. Het is daarom van belang dat je op één of ander manier drijfvermogen hebt. Hetzij een zwemvest, hetzij een “overlevingspak”. Die zijn er in alle vormen en maten, met drijfvermogen èn isolatie.
Daarnaast is het essentieel dat je prikkers bij je hebt. Dat zijn handvaten met een ijzeren pin, (blijven drijven), en je draagt ze om je nek. Met die prikkers in beide handen kun je je -op je buik- weer op het ijs trekken. Altijd in de richting van waar je kwam, daar was het ijs immers dik genoeg.
Een blokart kent geen drijfvermogen en zal onmiddellijk zinken. Zorg dus dat je er niet aan vast zit of verstrikt raakt in lijntjes of beugels. En, als je je blokart later weer wilt terugvinden, zorg voor een markering in de vorm van een willetje oid (aan een lijntje)

3. onderkoeling
Het water is echt koud. Zonder isolerende kleding aan komen de eerste onderkoelings-verschijnselen na 4 minuten: tragere acties, gelatenheid, rust, niet meer goed kunnen focussen. Met een goed pak aan heb je 15-20 minuten voordat er onderkoeling optreedt. Door in de embryo-houding te gaan liggen, houd je de warmte het langste vast, met veel spartelen en zwemmen, koel je sneller af.

Als je er later uit bent gekomen (of bent geholpen) dient de opwarming langzaam te gebeuren, anders raak je alsnog in een shock. Droge kleren aan en op kamertemperatuur weer op adem komen is het beste.

4. Gouden regels

  • Zeil nooit met een gordel om (om snel uit de Blokart te komen).
  • Zorg ervoor dat op diepere wateren je Blokart blijft drijven ( stootwil / luchtzak)
  • Check het ijs vooraf
  • Ga nooit alleen het ijs op, of zorg tenminste voor iemand aan de wal
  • Vertel aan anderen wat je gaat doen, welke route je neemt en hoe lang dat ongeveer gaat duren.
  • Neem ALTIJD ijsprikkers mee (kan levens redden).      
  • Diverse ijsprikkers ( ook zelf te maken. zie onderstaande afbeeldingen)
  • Doe isolerende kleding aan als je het ijs op gaat (overlevingspak)
  • Neem een life-line mee: die werp je naar een ander, die te water is geraakt.
  • Draag een (ski-)bril: Bedenk ook dat het zicht in de kou minder kan zijn (tranende ogen, mist) en het onderscheid tussen ijs en water lastig te maken is. Er zijn voorbeelden van ijszeilers die pardoes in een wak zeilden, domweg omdat ze het niet zagen!
  • Verzamel informatie over de plek waar je gaat zeilen. Vraag anderen die bekend zijn met water en ijs over stromingen, waar de wakken ontstaan etc.  
   

Onderkoeling

Bron: DN Nederland

Onderkoeling
Onderkoeling kan voor iedere ijszeiler een serieuze bedreiging zijn. Wat doe je als iemand het slachtoffer wordt van onderkoeling en wat doe je zeker niet? En hoe voorkom je onderkoeling? Dit was het onderwerp van een presentatie op 7 november 2008 bij ijszeilvereniging ’t Wakkie door Mary Janssen van Raay, als arts verbonden aan Boumanggz.

Waarom een verhaal voor ijszeilers?
De kans om in het water of onder het ijs te raken is voor ijszeilers altijd aanwezig. Hoe zorgvuldig we ook zijn bij de keuze van de plek waar we onze sport beoefenen. Maar je hoeft niet in een wak gelegen te hebben om onderkoeld te raken. Een zeer interessant onderwerp voor ijszeilers derhalve.

Wat is onderkoeling?
Onderkoeling ontstaat als de warmteafgifte van het lichaam naar de omgeving groter is dan de warmteproductie. Dit proces wordt sterk beïnvloed door een aantal factoren. Stroming, straling, geleiding en verdamping zijn de belangrijkste. Vooral vocht en de combinatie van de verkillende werking van de wind, de zgn. (windchillfactor), vormen een serieuze bedreiging voor ijszeilers.

Hoe herken je het?
Probleem bij onderkoeling is dat het niet altijd als zodanig is te herkennen. Iemand die zich moe voelt kan gewoon last hebben van een slechte dag, maar het kunnen ook de eerste signalen zijn van een beginnende onderkoeling. De symptomen van onderkoeling hangen samen met de mate waarin het slachtoffer onderkoeld is.

Symptomen van lichte tot matige onderkoeling:

  • Lichamelijke signalen: bibberen, rillen, klappertanden kippenvel, erge koude handen of tenen.
  • Ongecoördineerde motoriek (struikelen, onhandige bewegingen, vallen).
  • Raar gedrag: Onsamenhangend praten.
  • Knorrig, tegenwerken van de groep.
  • Zelf geen beslissingen meer kunnen nemen.
  • Apathie (‘t kan me niks meer schelen, reageert niet meer op goede adviezen van collega ijszeilers).
  • Niet meer in staat om de pink en de duim van één hand samen te brengen.

Symptomen van ernstige onderkoeling:

  • Geen rillen meer.
  • Slaperigheid.
  • Zwakke of onregelmatige pols.
  • Bewusteloosheid mogelijk.
  • Oppervlakkige, langzame ademhaling.
  • Spierverstijving.
  • Bleke tot blauwe huidskleur.
  • Schijndood.


Preventie

Het voorkómen van onderkoeling is tamelijk eenvoudig. Toch is het belangrijk de symptomen van onderkoeling al in een vroeg stadium te signaleren, want juist dan is het slachtoffer het beste te behandelen. Hoe zwaarder de onderkoeling, des te moeilijker en langduriger de behandeling zal worden. Wat doe je ter voorkoming: 

  • Draag droge winddichte kleding die NIET van katoen is gemaakt. Katoen houdt namelijk water vast en dat is net wat je niet wilt. Beter is het om bijvoorbeeld ondergoed van kunststof of (Merino) wol te dragen.
  • Zorg dat je droog blijft.
  • Eet en drink voldoende.
  • Geen alcohol op het ijs. Je voelt door alcohol de kou weliswaar minder, maar alcohol verwijdt ook de bloedvaten. Omdat de warmteafgifte daardoor wordt vergoot, is het uiteindelijke effect dat het slachtoffer het nóg kouder zal krijgen.
     

Wat de doen bij lichte onderkoeling?

  • Natte kleren uit. Buiten op het ijs: tot op het ondergoed, dan meteen inpakken.
  • Snel van het ijs af en als dat niet kan, dan een beschutte plek zoeken in afwachting van transport, bijvoorbeeld door het slachtoffer in een DN te leggen. Wikkel het slachtoffer in doeken of aluminium reddingsdeken. Het verdient aanbeveling de armen tussen de eerste twee isolatielagen te brengen, omdat de armen veel warmte kunnen onttrekken aan de borstkas. Ook het hoofd en de nek moeten worden omwikkeld, maar het gezicht blijft vrij. Denk verder aan een isolerende onderlaag, want veel lichaamswarmte verdwijnt via een onbedekte ondergrond. Maak eventueel vuur.
  • Armen/ handen en benen/voeten apart inpakken in aluminiumfolie of warme handdoeken.
  • Verwarmen van binnenuit, bijvoorbeeld door warme (niet heet) zoete dranken. Geen alcohol laten drinken
  • Knuffelen. Gebruik jouw lichaamswarmte om het slachtoffer op te warmen.
     

Wat te doen bij matige onderkoeling?

  • Handhaving en stabilisatie van de centrale lichaamstemperatuur moeten doel zijn van de behandeling. Dit bereik je niet door een agressieve warmtetoediening, maar door iemand geleidelijk van binnen op te warmen. Te snelle verwarming kan leiden tot zogenaamde 'warmtedood'. Gebruik eventueel warme waterflessen die je op de borst, op de buik, in het kruis en in de nek legt, plekken die dicht bij de lichaamskern liggen en die veel bloed bevatten. Leg, om brandwonden te voorkomen, de fles niet direct op het blote lichaam, maar doe er bijvoorbeeld een sok omheen.
  • Niet warm wrijven: er kan er schade ontstaan aan de huid en spieren eronder doordat je ijskristallen gaat bewegen die daar zijn ontstaan.
  • Houd het slachtoffer wakker en laat hem bewegingen maken.
  • Omdat de bloedsuikerspiegel van een onderkoeld slachtoffer is gedaald, mogen licht verwarmde suikerhoudende vloeistoffen (geen alcohol!) worden toegediend. Eet en drink zelf ook, want een ander verwarmen kost energie!
  • Indien nodig: (passief) transport van het onderkoelde slachtoffer naar het ziekenhuis.


Wat te doen bij ernstige onderkoeling?

Bij ernstige onderkoeling moet je een aantal handelingen achterwege laten, die je bij een lichte tot matige onderkoeling juist wel mag uitvoeren. Stelregel nummer 1 luidt: Ernstige onderkoeling heeft prioriteit boven andere medische problemen, uitgezonderd blokkades van luchtwegen en ernstige bloedingen. Wat moet je verder doen?

  • Belet onderkoelde patiënten iedere vorm van inspanning (zowel actief als passief). Een zwaar onderkoeld slachtoffer produceert zelf geen of weinig warmte meer en zal alleen maar verder afkoelen. Door plotselinge bewegingen van een zwaar onderkoeld slachtoffer kan koud en verzuurd bloed uit de lichaamsschaal (huid, spieren, armen en benen) naar de lichaamskern (de vitale organen, waaronder het hart) terugvloeien. Het buigen van een been kan al een temperatuurdaling tot gevolg hebben van 30 naar 27 graden. Dit noemt men wel warmtedood of rewarming shock. Warmtedood kan ook optreden als iemand te snel wordt verwarmd, bijvoorbeeld in een heet bad. Een sterk onderkoeld iemand die in een ziekenhuis terecht komt zal ook nooit onder een hete douche worden gezet, maar heel langzaam, van binnenuit, worden opgewarmd.
  • Laat het slachtoffer niet drinken.
  • Als de patiënt bewusteloos is, zorg dan voor het vrijhouden van de luchtwegen.
  • Bij ademhalingsstilstand of als er geen polsslag vastgesteld kan worden, eerst gedurende 1 minuut, 15 maal een voorzichtige mond-op-mondbeademing toepassen.
  • Ademt het slachtoffer niet spontaan na één minuut, of is er nog geen polsslag te voelen, dan moet begonnen worden met hartmassage op de gebruikelijke wijze, gecombineerd met mond-op-mond beademing. Neem de tijd voor de diagnose én de behandeling.
  • Zorg voor een snel en veilig transport naar het ziekenhuis, maar vergeet niet de patiënt te blijven verwarmen.


Algemene tips

  • Een aluminium reddingsdeken hoor je altijd in de buurt te hebben, ook tijdens een wedstrijd.
  • Verruil natte kleding meteen voor droge. Het effect van wind op natte kleding is 20 maal zo groot als op droge kleding. Met natte kleding koel je dus veel eerder af. Zorg daarom altijd voor een set droge kleding in je auto.
  • Trek bij een regenbui meteen beschermende kleding aan om te voorkomen dat je nat en daardoor koud wordt.
  • Warme dranken vormen een essentieel onderdeel bij het helpen van een licht tot matig onderkoeld slachtoffer. Eten en drinken is sowieso belangrijk om de energievoorraad van het lichaam op peil te houden en uitdroging te voorkomen. Een thermoskan thee kan een leven redden.
  • Een goede lichamelijke conditie verlaagt de kans op snelle onderkoeling. Gaan ijszeilen als je je een beetje ziekjes voelt, is vragen om moeilijkheden. Wie slecht geacclimatiseerd is, haalt sneller adem en verliest meer warmte door vochtverdamping via de longen. Onderkoeling kan het gevolg zijn.
  • Bel de hulpdiensten. Zorg dat je de telefoonnummers van de hulpdiensten van het land waar te gast bent, in je GSM staan. 112 is nog niet overal ingevoerd. En zorg ook voor een uitdraai, voor het geval je GSM niet meer werkt.
  • Ga nooit alleen zeilen en hou elkaar in de gaten.
  • Let op dat gewone thermometers een ondergrens hebben van 35 graden.

Copyright Mens Blokart Shop | Website laten maken door: Voordelig-online.nl